Net zoals elk kind op jonge leeftijd vlot zijn moedertaal leert spreken, zo is elk kind ook bekwaam om op jonge leeftijd een instrument te leren bespelen

Shin'ichi Suzuki in Opgevoed met liefde

Vanuit deze overtuiging ontwikkelde de Japanse violist Shinichi Suzuki midden vorige eeuw zijn vioolmethode. 
Een kind leert zijn moedertaal spreken door imitatie: het hoort mama en papa praten en bootst dat na. Ook muzikaal talent kan op die manier al zeer vroeg ontwikkeld worden: kinderen die les krijgen volgens de Suzukimethode leren een instrument bespelen op het gehoor. Kleuters kunnen immers nog geen noten lezen, ze leren liedjes spelen door ze heel vaak te beluisteren en ze dan na te spelen. Bijgevolg worden de stukjes steeds uit het hoofd gespeeld. Later, als het kind er klaar voor is, komt het noten lezen wel aan bod.

Suzukimethode principes


De Suzukimethode of moedertaalmethode is gebaseerd op volgende principes:

  • kinderen beginnen op zeer jonge leeftijd (vanaf 3 jaar)
  • ouders laten hun kind veelvuldig luisteren naar de liedjes die zullen aangeleerd worden
  • er moet dagelijks geoefend en herhaald worden onder begeleiding van een ouder.
  • er is een nauwe samenwerking tussen leraar, ouder en kind
  • de methode heeft een vast repertoire, van kinderliedjes tot concerto's van Mozart.
  • het kind krijgt één keer per week individuele les en één keer per week groepsles

De ouder wordt zeer actief betrokken bij het leerproces. Een kleuter kan immers nog niet zelfstandig oefenen. Begeleiding van mama of papa is echt nodig! Daarom leert de 'vioolouder' zelf ook de basistechnieken van het instrument. En mama of papa gaat altijd mee naar de les. Op die manier kunnen ouders hun kind echt helpen bij het oefenen. En hierbij graag een positieve aanpak: het kind aanmoedigen in de dingen die het goed doet! Eerst complimentjes geven voor wat goed gedaan werd, dan aan de verbeterpunten werken. Zo worden oefenmomenten voor beide partijen fijne momenten!

Speelse vioolles

De lessen worden op een speelse manier gegeven, helemaal aangepast aan de leeftijd van het kind. Suzuki-leraars zijn heel creatief in het gebruiken van allerlei hulpmiddeltjes, speeltjes en spelletjes om het kind te helpen bij het aanleren van het instrument.De les moet een moment zijn om naar uit te kijken!

Een groot pluspunt van deze methode zijn de wekelijkse groepslessen. Hier komt het kind in contact met leeftijdgenootjes die hetzelfde instrument leren. Dit sociaal aspect werkt stimulerend voor kinderen. Samenspelen is leuk!
Tijdens de groepslessen worden gekende technieken veelvuldig herhaald. Zo worden die technieken echt vaardigheden die dan weer als basis dienen voor een volgend niveau.
Ook krijgen kinderen meer podiumvastheid door het spelen in groep. Ze voelen zich daardoor zekerder bij een solo-optreden.
 

De filosofie: Talent kun je verkrijgen door studie

Suzuki was ervan overtuigd dat talent niet aangeboren is maar dat het, in een juiste omgeving en door veel te oefenen, tot op een hoog niveau kan ontwikkeld worden. 'Elk kind kan leren' was zijn filosofie.
Hij ontwikkelde zijn methode niet met het doel professionele musici te vormen. Wel wilde hij via de muziek bij kinderen een fijngevoeligheid opwekken die het leven mooier en rijker maakt.

De methode wordt vooral gebruikt bij het aanleren van strijkinstrumenten ( viool, altviool, cello) maar ze bestaat ook voor andere instrumenten.


Bronnen:
- Shinichi Suzuki: 'Opgevoed met liefde' Uitgeverij 'Nieuwmolen' Hallaar
- http://www.europeansuzuki.org
- http://www.suzukimuziek.nl
- An introduction to the Suzuki Method ISBN 0-87487-256-1